
Pensioenwet
Artikel 63 Variatie hoogte pensioenuitkering
1
De hoogte van een pensioen kan na ingang variëren mits:
a
de laagste uitkering niet minder bedraagt dan 75% van de hoogste uitkering; en
b
de mate van variatie uiterlijk op de ingangsdatum van het pensioen wordt vastgesteld.
2
Voor de toepassing van het eerste lid blijft in de periode tussen de ingangsdatum van het pensioen en het bereiken van de 65-jarige leeftijd, van de uitkering buiten aanmerking het gedeelte dat overeenkomt met het bedrag bedoeld in artikel 18d, derde lid, van de Wet op de loonbelasting 1964.
Jurisprudentie bij dit artikel
- Hieronder wordt een selectie van de bijbehorende jurisprudentie getoond.
- Geen resultaten gevonden voor de door u opgegeven zoek termen.